Virtualisatie is een techniek die onder andere gebruikt wordt om serverhardware zo efficiënt mogelijk te gebruiken. Door op de hardware een zogenaamde hypervisor te installeren, is het mogelijk ommeerdere virtuele machines te installeren, waardoor hardware-afhankelijkheden voor de virtuele machines wordt weggenomen.
 
Microsoft introduceerde de eerste versie van Hyper-V in Windows Server 2008. Met de komst van Windows Server 2008 R2 en specifiek de update naar SP1 kunnen we stellen dat Hyper-V R2 een uitstekende basis vormt voor een schaalbaar, dynamisch en flexibel virtualisatiesysteem. Hyper-V is een zogenaamde bare metal hypervisor die direct op de hardware draait en naar behoefte uitsluitend via een command interface of een grafische user interface kan functioneren. Nadat de Hyper-V-rol is geactiveerd, wordt Windows opgedeeld in één of meerdere partities. De eerste partitie noemen we de parent partition, waarop het management van de hypervisor wordt uitgevoerd. Vanuit deze parent kunnen we afhankelijk van de gekozen serverhardware een groot aantal virtual machines (ook wel guest partitions genoemd) creëren en starten.
 
Proven technology
Servervirtualisatie is al jaren een proven technology en is nu ook uitstekend op basis van Microsoft-technologie uit te voeren. Microsoft baseert haar Private Cloud-strategie dan ook voor een groot deel op Hyper-V waarmee clusters van hoog beschikbare Hyper-V-servers kunnen worden opgezet. Wanneer er onderhoud gepland is voor een van de fysieke hosts kunnen de virtual machines met Live Migration zonder onderbreking naar één van de andere nodes in het cluster worden verhuisd.
 
Naast servervirtualisatie is Hyper-V ook zeer geschikt als platform voor desktopvirtualisatie (VDI), waarbij op één of meerdere Hyper-V-servers een groot aantal Windows 7 clients draaien. Een gebruiker kan via Active Directory een personal virtual desktop toegewezen krijgen. Een alternatief is de zogenaamde pooled desktop, waarbij automatisch een standaard client wordt toegewezen aan de gebruiker. Deze pooled desktop zal bij iedere login weer terugvallen naar zijn basis-image. Deze vorm wordt vaak ingezet voor snelheid en flexibiliteit bij incidenteel gebruik.
 
Hyper-V inzetten als hypervisor is echter slechts de basis. Om echt rendement te halen met Microsoft Virtualisatie en een basis te leggen voor een eigen Private Cloud, is het raadzaam om één of meerdere programma’s uit de System Center-reeks in te zetten.
 
System Center Virtual Machine Manager
Met name System Center Virtual Machine Manager is een goede kandidaat voor beheer van Hyper-V hosts, clusters en virtual machines. Zo kunnen fysieke servers worden geconverteerd naar virtuele machines (P2V) of VMware virtual machines naar Hyper-V (V2V). Vanuit de Virtual Machine Manager Library is het zeer eenvoudig om nieuwe guests uit te rollen op basis van een sysprepped template. De library is tevens de plaats voor virtual harddisks (VHD en VMDK), imagebestanden (ISO), scripts (PowerShell), configuratiebestanden (Unattend.xml) en als parkeerplaats voor inactieve virtual machines in de vorm van een Saved VM of een Cloned VM.
 
System Center Operations Manager
Voor monitoring en rapportage van de Microsoft Virtualisatie-omgeving kan System Center Operations Manager worden ingezet. Met gespecialiseerde management packs wordt de werking van kritische systeemonderdelen van de Hyper-V en de Virtual Machine Manager server gecontroleerd. Op basis van de afgegeven alerts kan een beheerder tijdig ingrijpen in geval van foutsituaties.
 
System Center Data Protection Manager
System Center Data Protection Manager biedt een volledige ondersteuning voor bescherming van zowel de Hyper-V hosts, als de virtual machines en de managementsystemen. Naar keuze kunnen virtuele machines op Hyper-V host-niveau of op guest-niveau (of een combinatie van beiden) worden beschermd. Een herstel van een virtual machine of een deel daarvan is dan ook zeer eenvoudig uit te voeren.
 
System Center Orchestrator
Met System Center Orchestrator (voorheen Opalis), kunnen complete runbooks (workflows van meerdere procedures) worden samengesteld, waarbij regelmatig uit te voeren beheeractiviteiten snel, consequent en foutloos kunnen worden geautomatiseerd.
 
System Center Configuration Manager
Ten slotte kan System Center Configuration Manager worden ingezet voor configuratie en patch management van de Hyper-V hosts en virtual machines.
 
Conclusie
In 2012 verschijnt een compleet vernieuwde reeks System Center-producten. System Center 2012 biedt sterk geïnnoveerde beheerprogramma’s die allen tot doel hebben een Microsoft Private Cloud vorm te geven, waarbij de focus meer en meer op de applicatie als service komt te liggen. De self-service-gebruiker komt centraal te staan en ziet niets van de onderliggende server-, storage- en netwerkinfrastructuur. Door abstractie van deze onderliggende fabric kan de self-service gebruiker zich concentreren op het uitrollen van applicaties en services binnen de grenzen van de toegewezen capaciteit binnen de specifieke private cloud.